Wagemans: ‘Verhoging aantal verblijfplaatsen op Landgoed Leudal naar 480’

Foto: Landgoed Leudal

LEUDAL – Raadslid Mathieu Wagemans (Ronduit Open) vroeg deze week opnieuw aandacht voor de ontwikkelingen in het ogenschijnlijk eindeloze dossier Landgoed Leudal. Hij deed dat met het oog op de door de gemeenteraad vastgestelde  – en door de Raad van State bevestigde  – regels in het bestemmingsplan. Ook de uitvoering van het handhavingsbeleid van de gemeente Leudal, roept niet voor het eerst vragen op bij het raadslid.

Zo biedt het vastgestelde bestemmingsplan uitsluitend in een bepaald deelgebied van het Landgoed de mogelijkheid voor huisvesting van arbeidsmigranten. In de uitspraak van de Raad van State van december 2019, werd dat nog eens bevestigd.  Die besloot dat er maximaal 300 arbeidsmigranten mogen verblijven, enkel in dat bepaalde deelgebied, dat dit geldt tot uiterlijk 1 januari 2026, dat er geen verdieping op de chalets mag worden gebouwd én dat er op het terrein een strook van 25 meter vrij moet blijven, nabij het omgevende Natura 2000 gebied.

Schoolgebouw
Al jaren zijn er vrijwel continu problemen geweest rond handhaving en interpretatie van regels. De uitspraak van de Raad van State leek eindelijk definitieve helderheid te geven. Volgens Wagemans verhoogt de ondernemer echter het aantal verblijfplaatsen in het bewuste deelgebied van 322 naar liefst 480. Wagemans: ‘Een schoolgebouw dat werd geplaatst als school en receptie en is deels ingericht voor huisvesting van arbeidsmigranten. Bovendien zijn er nog 16 chalets bijgebouwd. Zelfs wanneer de bouw daarvan vergunningsvrij zou zijn was het logisch en bestuurlijk verstandig geweest, om ter voorkoming van ieder mogelijk misverstand en ongewenste interpretaties – waar dit dossier zo rijk aan is –  de ondernemer schriftelijk te duiden dat het maximum van 300 arbeidsmigranten hard en definitief is en dat hij zich moet realiseren voor de leegstand te bouwen. Naar ik begrijp is die brief niet uitgegaan.’

Mathieu Wagemans

Interpretatie
Volgens Wagemans stuurde het college op 3 maart 2020 wel een brief aan een burger,  waarin ‘vrijelijk en zonder daarover met de gemeenteraad te hebben gecommuniceerd’ wordt geïnterpreteerd wat de gemeenteraad bedoeld zou hebben. Het raadslid: ‘De gemeenteraad zou hebben bedoeld om via het toestaan van arbeidsmigranten de garantie te krijgen dat de eindbestemming zou worden gerealiseerd. Dat roept de vraag op welke inspanningen het college heeft verricht om die garantie hard te maken. Eerder is het tegendeel het geval, doordat steeds weer is meegewerkt aan verzoeken zonder dat enige garantie omtrent realisering van de eindbestemming was vereist. Ten behoeve van de behandeling bij de Raad van State is door de gemeente zelf medio 2019 aangegeven dat er van realisering van de eindbestemming (nog) geen sprake was. Omvangrijke en jarenlange faciliteiten voor huisvesting van arbeidsmigranten hebben tot op heden niet of nauwelijks bijgedragen aan het doel waartoe ze zijn verleend.’

Noteren
En ook de wijze van handhaving stelt Wagemans dus weer ter discussie. Hij noemt die in een brief aan het college merkwaardig. ‘In de brief aan de betreffende burger put u zich uit in argumenten om niet te handhaven op wezenlijke afwijkingen. Sterker nog, de ondernomen handhavingsactie betrof enkel het noteren van het aantal arbeidsmigranten in het nachtregister en de conclusie dat dit aantal lager was dan 300. Een feitelijke inventarisatie om de getrouwheid van het nachtregister te onderzoeken bleef achterwege.’

Dekmantel
De afgelopen jaren is steeds gesteld dat de huisvesting van arbeidsmigranten is bedoeld om inkomsten te genereren voor de transformatie van het Landgoed naar hoogwaardige recreatie- en trainingsfaciliteiten. Volgens Wagemans is de feitelijke situatie echter dat alle energie van meet af aan gericht is geweest op huisvesting van zoveel mogelijk arbeidsmigranten. Realisering van hoogwaardige verblijfsrecreatie en trainingsfaciliteiten heeft nauwelijks plaatsgevonden en daarom zou dat verhaal slechts een dekmantel zijn. Wagemans wijst ook op de mogelijke rechtsongelijkheid: ‘Er zijn nauwelijks ondernemers die zo omvangrijk en langdurig zijn gefaciliteerd om een bestemming te realiseren. Daarnaast is van een stevige controle en handhaving geen sprake geweest, althans zeker niet wanneer dat wordt vergeleken met hoe handhaving bij andere ondernemers heeft plaatsgevonden.’

Beeld
Wagemans ziet nu graag dat het college zich onder meer gaat richten op realisering van de eindbestemming en daar termijnen aan gaat stellen. Daarnaast verwacht hij dat het college zal blijven handelen conform de regels zoals die in het bestemmingsplan staan en die ook handhaaft. ‘Nu er door de uitspraak van de Raad van State helderheid is over de rechtsgeldigheid van het bestemmingsplan, is Leudal niet gediend met opnieuw een periode van langdurige, kostbare en tijdrovende juridische procedures. (…) Overigens zou ik het ook zeer op prijs stellen dat niet al te gemakkelijk vanuit het gemeentehuis in deze – en andere vergelijkbare dossiers – te makkelijk het beeld wordt gevestigd als zou het om burenruzies handelen. Zo die er al zijn, kunnen die gemakkelijk hun ontstaan vinden in nalatig optreden door de gemeente.’

Reacties